Het sterrensysteem, hoe werkt het?

Het Systeem is universeel en is eenvoudiger dan het lijkt want het is al in gebruik sinds de vroege prehistorie. Als eerste zoekt men een berg/ rots die ongeveer in het midden van het werelddeel of land ligt en benoemd deze tot het centrum; De Plejaden (Op het Noordelijk halfrond iets rechts van het midden en op het Zuidelijk halfrond iets links van het midden omdat de Plejaden-sterren niet precies in het midden van het jaar opkomen). De zonnelijn loopt hier dan horizontaal doorheen en zo krijgt men het kruis naar de 4 windrichtingen. Men zoekt dan naar gebieden waarin de mijnen geconcentreerd liggen (vaak bergen) en geeft ze een bepaalde vorm die cultuurbepalend is (meestal een dier, of een dier wat in dat gebied veel voorkomt). En die iets te maken hebben met de jaarcyclus/ kalender. Bijvoorbeeld een dier dat in die periode van het sterrenbeeld bejaagd werd of waar de eieren van verzameld werd in grote hoeveelheden (soms ook bepaalde planten). Hierbij werd gekeken of er sterren waren aan de hemel die er vlakbij liggen en in de vorm passen. Zo geeft elk sterrenbeeld aan waar en wanneer iets bejaagd of aanbeden moet worden. Zo ontstonden de mythische wezens en goden. Zij konden zich door het jaar in de sterrenbeelden/ dieren veranderen. En zo werden deze weer gekoppeld aan de kalender via mythen en legenden.

Bovendien kon men ook op het land ook letterlijk naar een sterrenbeeld toe gaan om deze wezens/ goden te aanbidden door bijvoorbeeld offers te brengen. Het is vanzelfsprekend dat de Plejaden overal dezelfde centrale plaats innamen (zie het sterrenbeeld op de lijst). Op het noordelijk halfrond lopen we van rechts naar links door het jaar heen, op het zuidelijk halfrond lopen we van links naar rechts door het jaar heen. De seizoenen en feesten zijn dan gespiegeld aan elkaar (bv. lente-equinox wordt herfst-equinox). Zoals we zien staan de sterrenbeelden niet keurig in 12 vakjes verdeeld en dit klopt ook in het echt. Opvallend is de plaats van de kraanvogel (Latijn: Grus). Als we het systeem op verschillende werelddelen leggen dan komt dit ook overeen met de plaats waar deze vogels van nature veel voorkomen (zoals in Australië, India en waarschijnlijk ook Afrika). Ook de modernere sterrenbeelden zijn vaak gekoppeld aan een bepaald volk die in een sterrenbeeldgebied woonde. Zoals de Centaurus en Weegschaal. Zie hiervoor elk sterrenbeeld afzonderlijk en per land, cultuur of werelddeel.

We beginnen dus met de oorspronkelijke mythen aan de linkerkant, in het westen (onderwereld) met het sterrenbeeld Sagittarius ofwel boogschutter. In de eerste periode worden dan ook vooral de sterrenbeelden van de Zomerdriehoek, Heracles/Hercules, Slangendrager uitgelegd en hun reis naar de Plejaden in het midden en verder naar rechts. Zo gaan we het hele jaar langs de sterrenbeelden (en Melkweg) met bijbehorende figuren en feesten. De mythen volgen de levensreis van de onderwereld (andere wereld) naar de bovenwereld en weer terug.


Kaart van de Sterren op de aarde


De sterrenbeelden staan in exacte positie en zijn verdeeld van West Europa tot Oost Azië op de Noorderbreedte. Dit is nog een ruwe weergave vanwege het grote formaat. De Witte lijnen staan voor de ijsbedekking in beide ijstijden. De rode horizontale zonnelijn van volgt de kromming van de aarde. De grijze lijn geeft de vogeltrekroute (Melkweg) aan.

De figuren die het verst weg staan van het centrum zijn het grootst, dit lijkt raar maar dit helpt bij de vertekening. In de vroege middeleeuwen werden de landen die het verst van de bekende wereld af lagen ook het grootst weergegeven. Op sterrenglobes is het precies omgekeerd; de afbeeldingen bij de polen zijn het kleinst (vanwege het kleinere oppervlak). Zie voor verdere uitleg de sub-pagina's. Ook andere werelddelen hebben hun eigen sterrenbeelden zoals Noord Amerika, Zuid Amerika, China, en Australië. Zie hiervoor de andere hoofdstukken.

>>