De held en de Draak, Kermis              >>

22 april tot 21 mei (tweede maand), zie ook de meifeesten

>>2A

In de vroege prehistorie stond hier het zodiak teken Maagd. Dit staat voor de jonge godin Venus die het jaar opent in de koude tijd. Pas eind mei begon het te dooien maar eerst moest er nog strijd worden geleverd voor het ijs zich terugtrok. De oude wintergodin (in de vorm van een kosmische draak of slang) moest symbolisch worden gedood/ getemd door de held Mercurius. De draak stond in Europa gelijk aan de ijsrand van de ijstijd (ook voorgaande ijstijd) in Europa want hier lag ze tegenaan. Tevens slaat de draak op de bewaker van de onderwereld en zij leeft bij de Plejaden. Hierop laat zij de dieren los zodat de jagers hierop kunnen jagen. De jonge maagd, godin van het voorjaar werd nu symbolisch bevrijd en zou blijven (tot augustus- november). Het kan ook slaan op de walvisjacht in deze periode (zie ook Amerika), zie sterrenbeeld Dolfijn/ Walvis. In de prehistorie jaagde men al in de gehele wereld op walvissen en dit was natuurlijk een belangrijke voedselbron. Hier kunnen we makkelijk het gevecht tegen de draak/ monster in zien. Tevens kwamen de slangen zoals adders tevoorschijn in mei (nu april) om zich op te warmen. Ook de vangst van alen of paling.


Veel slangen kruipen ook rond deze tijd uit hun holen na een winterslaap.

Een opvallend verschijnsel is de meteorenregen "Eta-Aquariden, die lijkt te komen uit de ster Eta van het sterrenbeeld Waterman. Het hoogtepunt ligt op eind april en begin mei (vooral op het zuidelijk halfrond, in het noordelijk halfrond in de ochtend. (Oorzaak is het passeren van de komeet Halley). Maar het sterrenbeeld Waterman was in de vroege prehistorie (en nu) niet te zien maar wel tijdens de Landbouwtijd. Wellicht zag men hier de draken-tanden/ zielen/ vuur in die uit de hemel vielen. Er zijn begraven tanden gevonden, in rijen in voren in de grond bij stenen monolieten in Italië. Omdat men in de Landbouwtijd het sterrenbeeld Perseus zag aan de hemel begon men het verhaal van Perseus hieraan te koppelen (Perseus hakt het hoofd van de slangengodin Medusa af) maar dit hoorde eigenlijk bij de herfst. Zie ook tanden begraven bij de Aboriginals in Australië in deze periode.

Latere Zodiaktekens: leeuw en kreeft. De herders hielden voorbereidingen om het vee te beschermen tegen de wolf voor ze naar de weides gingen. Zie het sterrenbeeld Wolf bij Centaurus. Centaurus, Zuiderkroon (Griekse Lauwerkrans). Het vee ging naar de weiden vanaf Sint Joris tot Sint Michaël. Hier waren ze onveilig voor wolven tenzij ze door deze heiligen werden beschermd. Zie ook Estland, Rusland en de Romeinen in mei (Parilia). Geboortetijd Wolf en vos. Niet verwonderlijk bedacht men (de Grieken?) ook de half mens-half wolf figuur ofwel de weerwolf (Latijn: versipellis; huidverwisselaar). Deze mens-wolven zou ook een vorm van initiatieriten kunnen zijn. De jongens die het ondergingen werden hierbij dan symbolisch gedood en later weer levend gemaakt. Hierbij kreeg men zijn totem(s) toegewezen. De Grieken zouden een feest gehouden hebben van de Wolf-god Zeus. Dit werd gehouden elke 9 jaar op de Wolf-berg in Arcadia. Hierbij zou een man in een wolf veranderen als hij at van ingewandenvlees van dieren vermengd met mensenvlees. Als hij geen mensen meer at in 9 jaar zou hij weer terug veranderen in een mens. Wellicht een waarschuwing tegen kannibalisme. Vergelijkbaar met de luipaard-aanbidders in Afrika. Met het idee dat men transformeert in een luipaard in deze periode. Zoals ook vele anderen dachten dat de god of goddelijke-priester/koning in een katachtige of slang zou veranderen in Amerika in deze periode (zoals de Maya's en Inca's). Door deze transformatie zou men extra krachtig zijn. Later bedacht men de wolfdoder Apollo (als nieuwe god); hij werd de wolfachtige genoemd. Er was een "plaats van wolven" of Lyceum in Athene en vereerd in Sicyon. De wolf komt ook terug bij de Romeinen bij de mythe van de tweeling Romulus en Remus. Ze staan bekend als stichters van Rome. Picus Feronius was de specht van godin Feronia met een heiligdom in Soracte. Heilige mannen daar droegen de naam "Soranische Wolven" (Hirpi Sorani). Een keer per jaar moesten de mannen uit sommige families met blote voeten lopen over de gloeiende resten van een vuur. Dit zouden ze drie keer doen met ingewanden in hun handen. Hierna werden ze door de senaat vrijgesteld van militaire dienst en andere publieke orders. Volgens sommigen zou het ritueel aan de god van de berg zijn gericht: Soranus.

Niet toevallig leest men in de kerk tijdens de mis op de tweede zondag na Pasen het stuk voor uit het evangelie van Johannes (Bijbel: 10,11-16). Dit gaat over de goede herder die zijn leven geeft om zijn schapen te beschermen tegen de wolf. De wolf wordt dan vergeleken met de huurling.

Voor de herders was het feest van 23 april (Sint Joris) of 1 mei belangrijk omdat het vee naar de wei werd gebracht en op 1 november weer in de stal ging.

Landbouwtijd: Zodiakteken Tweelingen en later Stier (E). Tweelingen kunnen staan voor het mannelijk en vrouwelijke aspect of dualiteit (zie volgende pagina meifeesten) en in sommige culturen wordt dan ook gesproken over twee draken (zie uitleg sterrenbeelden op aarde). Een ander belangrijk teken bij de Maagd is het sterrenbeeld van de Centaur dat er onder ligt. De half mens-stier of half mens-geit hielp de jonge maagd te bevrijden. Ook de hond speelt hierbij een rol. Ze worden afgebeeld sinds 5000 vChr.

De Stier komt terug in het verhaal van de Minotaurus in het Labyrint. Hierin moest de jonge held het stiermonster (half mens-stier zie Centaurus) doden. Het labyrint werd ook wel vergeleken met de onderwereld (sommigen vergeleken het met een slakkenhuis, de spiraal). Stier valt Orion aan of laat Orion over zich springen. De draak van de Godin moest eerst verslagen worden door de jonge held opdat het land weer vruchtbaar wordt en zij het graan liet groeien (en in droge landen het zou gaan regenen). Haar tanden werden symbolisch gezaaid omdat dit de periode was van het zaaien. In deze tijd van het jaar staat dit op het sterrenbeeld van Hercules die met zijn knuppel de draak heeft overwonnen. Zijn voet staat op de draak. Waarschijnlijk ook het offeren van een stier aan Venus. Maar ook initiatieriten voor jongen tot man-wording; springen over stieren.Het stierenvechten werd een traditie met de meifeesten. Het levenscheppend labyrint van Venus ging ook deel uit maken van de riten (zie ook Pasen). Boven de stier staat het sterrenbeeld van de Plejaden. De betekenis van de Plejaden vinden we terug in de meiboom (zie de meifeesten) en opnieuw weer met het labyrint. Op vazen uit Mycene zien we Stierenhoorns en Stieren met bloemen.

In de prehistorische Induscultuur vinden we al afbeeldingen van 2 draken die hun nekken om elkaar heen hebben verstrengeld.

Grieks; de veelkoppige waterslang Hydra die Heracles/ Hercules moest verslaan als een van de 12 taken die de Griekse sterrenbeelden hun naam en vorm gaven. Iolaus (de zoon van zijn halfbroer of tweelingbroer Iphikles) helpt hem hierbij. Toen Heracles tijdelijk gedood werd door Typhon, bracht hij hem tot leven door een kwartel onder zijn neus te houden of door een kwartel te offeren (zijn lievelingsvogel, zie ook de kwartel in Libanon van Melqart) Vooral de Griekse Heracles en het verhaal van Jason en de Argonauten zie onder.

De Germanen zagen in Hercules hun oorlogsgod Taranis.

De Kelten hadden Cú Chulainn als held. Hij versloeg de twee zeemonsters. Hij moest net als Hercules vele taken volbrengen. Ook de held Owain dood de slang in het verhaal van de gravin van Brunnen. Hij redde hierbij de magische witte leeuw en de maagd die als offer diende. Cú Chulainn wordt vergeleken met de lichtgod Lug(h) en zou vooral maangod zijn geweest. Hij reed op een wagen met sikkels aan de wielnaven.

Anglo-Saksische held Beowulf neemt het op tegen een draak en Wiglaf dood hem.

De Slavische god Svantovit op zijn witte paard verslaat de draak en red Zora.

De Russische/ Slavische held Dobrynia verslaat de draak (gesymboliseerd door de dondergod Perun, laat 10e eeuw). En de middeleeuwse Ognjeni Vuk die een draak verslaat.

In India vertelt de Rigveda over de bliksemgod Indra die de draak of slang Vrtra verslaat. Het monster had de waters versperd zodat het niet kon stromen. Indra woont op de hemelberg Meru. In de Rig Veda werd uit het lichaam van de gedode reus Purusha de wereld geschapen door de goden. Uit het hoofd werd de hemel gemaakt, uit de voeten de aarde, uit zijn oog de zon en uit zijn hersenen de maan. Van zijn vetdruppels die vielen uit zijn ledematen werden mensen en dieren gemaakt. Uit zijn mond ontstonden de goden Indra en Agni. Indra zou ook de demon Namuci verslaan maar niet met wapens. In de vroege ochtend sprenkelde hij zeeschuim over hem.

Japan vertelt over de stormgod Susano die de achtkoppige draak Yamato-no-orochi verslaat.

In Zuidoost-Azië stond de draak voor vrouwelijkheid, vruchtbaarheid en water. De Chinese draak is later een mannelijk symbool geworden.

Bij de Grieken was het de godin Daphne die achtervolgd werd door Apollo en na haar dood veranderde in een Laurier boom. Apollo reinigde zich van het bloed in de bron van Daphne na het doden van de slang Python. (De christelijke St. Dymphna uit Ierland werd onthoofd door haar vader).

In Athene, hield men in de Acropolis tempel een heilige slang. Hij werd Erichthonius/ Erichthonios, de legendarische mythische koning van Athene, genoemd. De slang moest de tempel beschermen en kreeg een honing-cake (zie ook sterrenbeeld Voerman). Ook Cecrops de eerste koning en stichter van Athene zou half-slang half- mens zijn geweest. Zo werd zijn onderlichaam in de kunst weergegeven als slang. Ook Cychreus won het koninkrijk van Salamis door de slang te verslaan die het eiland zou verwoesten. Na zijn dood veranderde hij in een slang. Sommigen noemden hem ook slang. De slangenman Erechtheus werd vergeleken met de watergod Poseidon. En zijn tempel; de Erechtheum, waar de slang woonde, was een waterbekken die "de zee van Erechtheus" werd genoemd.

Bij het orakel van Delphi uit 800 vChr kon men via de priesteressen vragen stellen aan de god Apollo (wellicht via de zwaveldampen zoals men ook nog doet op het eiland Madagaskar). . Hier vierde men een muziekfestival ter ere van de overwinning op de slang Python door Apollo. De priesteressen "Pythia" wasten zich daarvoor in de heilige bron van de nimf Kastalia in Delphi. Later hield men dan de sportieve Pythische spelen. Soms rouwde men ook om de dode python. De winnaars ontvingen een Lauwerkrans of kroon van eikenbladeren (later van laurierblad). Delphi werd door de Grieken beschouwd als het middelpunt van de aarde (door Zeus uitgekozen). Er was ook een heilige tempel van de godin Athene en van de god van de wijn Dionysus (hij was de voorganger van Apollo en de voorganger van Dionysus was de god Hermes). Hermes werd vroeger weergegeven in de vorm van een stenen pilaar met een fallus. Zijn feest werd gehouden vanaf 9 oktober en men bleef dit doen onder het mom dat "Apollo dan even ergens anders was". De heilige Sint Apollonia (een van de drie heilige vrouwen) die vereerd werd in het voorjaar stond er bekend om dat al haar tanden zouden zijn uitgetrokken, daarom wordt ze afgebeeld met een tang in haar hand. De opvolger van Dionysus/ Dyonisus was de Satyr. De Satyrs bestaan al sinds 700 vChr. Vaak weergegeven met hun fallus in opgewonden staat. Zij dansen en achtervolgen de meisjes. Zo ook de zoon van Dionysus: De Griekse Priapos of Romeinse Priapi/ Priapus met zijn enorme fallus. Later bekend in Nederland onder de naam Priaap (wellustig figuur). Ter ere van hem vierde men ook een feest in mei. De Pythische spelen zouden oorspronkelijk gehouden worden om de acht jaar en pas later om de vier jaar. Nadat de nimfen van Parnassus de oogstvruchten naar Apollo brachten nadat hij de draak had verslagen in Delphi werden de Pythische spelen niet meer om de acht jaar maar om de vier jaar gehouden (de 8 jaar zou ingesteld zijn om de maankalender met de zonnekalender overeen te laten stemmen). Volgens de Griekse dichter Pindaros: Zouden de zielen van de doden die gereinigd zijn van hun zonden na 8 jaar in de andere wereld, opnieuw worden geboren in het negende jaar als glorieuze koningen, atleten en wijzen.

De Isthmische spelen werden om de twee jaar gehouden in Korinthe rond eind april. Tevens ter ere van de zeegod/ aardbevingsgod Poseidon. Ino (de witte godin en stiefmoeder van Helle en Phrixus, zie sterrenbeeld Ram) was de zus van Semele, Zeus doodde haar per ongeluk door de jaloerse Hera. Ino werd pleegmoeder van Melicertes (zoon van Semele en Dionysus). De jaloerse Hera zou haar krankzinnig hebben gemaakt of ze vluchtte voor de krankzinnige koning Athamas. Hierop sprong ze met Melicertes in zee. De goden hadden medelijden met hun en veranderden hen in zeegoden (zeewezens? wellicht twee vissen van sterrenbeeld vissen?): Ino in Leucothea en Melicertes in Palaemon. Hun namen veranderden.

Palaemon zou dood aangespoeld zijn in Korinthe in een andere verzie: Zeus stuurde hem op de rug van een dolfijn naar Korinthe. Men rouwt daarom tijdens dit feest om hem. "Toevallig" betekent Palaemon het: geslacht van kreeftachtigen.

De Grieks-Atheense kalender: de maand Thargelion.

Grieks: Op de 6 de en 7 de dag van de maand Thargelion werden respectievelijk Artemis en Apollo geboren. Dit zou later uitlopen tot 24 en 25 mei. Deze maand stond dan in het teken van het algemene godenpaar. Zie ook 9 mei. Vroeger stuurde Athene elke 8 jaar; zeven jongens en zeven meisjes naar het paleis van Knossos op Kreta. Wellicht om daar te dansen; de jongens met gouden zwaarden, de meisjes met bloemenslingers (als meidans). Volgens de Mythe zou Daedalus (die ook het labyrint gebouwd zou hebben), gedanst hebben voor Ariadne. En Theseus die met de door hem geredde Ariadne, en jongeren van Kreta (en de Minotaurus) terugkwam zou hebben gedanst. Een speciale dans met moeilijke wendingen naar de vorm van het labyrint. De dans werd "De Kraan" genoemd. Naar alle waarschijnlijkheid naar de Kraanvogel (zie voorjaarsvogel mei).

In Delphi; "het feest van de kroning"; het verslaan van de grote waterdraak door godenheld Apollo. Dit werd nagespeeld en hierna moest de held voor 8 jaar dienstbaar zijn. De draak bewaakte de bron van Delphi. Wellicht de bron Castaly of Cassotis bij de Apollo tempel. De draak werd bedekt met laurier (Zie sterrenbeeld Noorderkroon). De priesteres dronk van de bron en at de heilige laurier voor ze de toekomst ging voorspellen. Wellicht waren het vroeger eiken in plaats van laurier. Ook de Pythische spelen zouden het gevecht van de draak herinneren (en was om de 8 jaar). In Olympia moesten de olijf-takken voor de kroon van de winnaar gesneden worden van een heilige boom door een gouden sikkel. Dit moest gedaan worden door een jongen waarvan de beide ouders leefden (wellicht stond dit voor vruchtbaarheid). De boom was een wilde olijf in het heilige gebied ten westen van de tempel van Zeus. Het werd "De olijf van de geschikte (fair) kronen" genoemd en vlakbij het altaar van de "Nimfen van de geschikte (fair) kronen". In Delphi hield men dan het feest van de held Apollo die de draak versloeg. Een jongen waarvan de beide ouders leefden speelde de held. Men bouwde een soort kasteel na die het huis van de draak moest voorstellen. De jongen viel deze aan en verbrandde het kasteel samen met vrouwen die brandende toortsen brachten. Als de draak zijn dodelijke wond ontving, vluchtte hij weg, bij het zien van al het bloed. In de mythe zelf zou de held Apollo onder het bloed de takken van de laurier plukken om een kroon te vlechten. De jongen bracht dus ook de kroon weer terug naar Delphi. (Apollo is een vrij nieuwe god).

In het Griekse Thebe; "het feest van het dragen van de Laurier" : het verslaan van de grote waterdraak Typhon door godenheld Cadmus/ Kadmos (dit deed hij met behulp van de magische lier). Hierna werd hij gekroond met de laurier. Hierna moest de held ook voor 8 jaar dienstbaar zijn. De draak bewaakte de bron van Thebe en stond naast de hemelboom. De goden Cadmus en zijn vrouw Harmonia zouden later Thebe hebben verlaten. Ze zouden gaan heersen over het volk van de Encheleans of "Aal-mensen" in Illyrië (boven Italië). Later veranderden zij beiden in slangen. Een aal zou vergeleken worden met een waterslang. Harmonia zou zelf een dochter zijn van de draak die Cadmus versloeg (tevens was zij de dochter van Ares en Aphrodite). Cadmus was weer de broer van godin Europa. Hij reisde naar het westen om zijn zus te zoeken die ontvoerd was door Zeus (in de vorm van een stier). Daarbij kwam hij bij het orakel van Delphi. Hier kreeg hij het advies om een koe te zoeken met het merkteken van een volle maan op zijn flank. Waar de koe zou neervallen moest hij een stad stichten. En zo werd de stad Thebe gesticht. Cadmus zaait symbolisch ook de draken tanden om krijgers te oogsten.

Anatolië: In Magnesia aan de Meander zou men elk jaar tijdens een feest in de maand Heraeon (maand van Hera) een stier uitkiezen. Op de nieuwe maan van de maand Cronion zou de stier gewijd worden aan Zeus Sosipolis, de redder van de stad, in de lente tijdens het begin van zaaien. Daarna zou men het dier offeren tijdens de oogst in de volgende zomer. Negen jongens en negen meisjes, wiens beide ouders leefden, namen deel aan dit ritueel. Men bad voor de bescherming van het land en de mensen, voor vrede, voorspoed en genoeg oogst en veel vee. Het herfstfeest zou dan gelijk vallen met de periode van Artemision, naar de godin Artemis, die een belangrijke tempel heeft in Magnesia. Gelijk aan de Griekse maand Puanepsion/ Pyanepsion. De stier zou dan geofferd worden op de 12de dag van de maand Artemision. In de processie liepen de senatoren, priesters, magistraten, jonge mensen en de winnaars van de wedstrijden mee. Aan de voorkant van de processie werden de afbeeldingen van de 12 goden gedragen in feestelijke versiering. Begeleid door fluit, doedelzak en harp muziek. De stier zou de geest/ god van vegetatie (graan/ gewas zelf voorstellen). Nu was het zo dat het stieroffer in Griekenland schijnbaar zowel in het voorjaar als in het najaar plaatsgevonden zou hebben en dit verschilde ook plaatselijk (Zie Bouphonia) zoals het zaaien en oogsten van het graan ook kon verschillen.

Romeins: In de Romeinse tijd werd dit het feest van Jupiter en Aphrodite. De maand april is dan ook naar haar vernoemd. In deze tijd kwam de jonge graangodin Kore weer uit de aarde. Hierbij werd ze geholpen door de faunen of satyrs. 23 april werd een wijnfestival gehouden van Dionysus. Op 25 april tijdens het feest van Robigalia, offerde men een hond aan de god Robigus/ godin Robigo om een gezonde oogst te krijgen maar ook veel stieren werden geofferd aan de goden. Deze Robigus/ Robigo stelde zelf iets negatiefs voor want de naam is hetzelfde voor een graan-ziekte; Meeldauw. Vooral de Romeinen vereerden de meeldauw en dan ook in de vorm van de god Apollo (als god van het gewas). Ze noemden hem soms meeldauw- Apollo, zie de herfst-oogst-feesten. Men deed aan ren-wedstrijden. Zie ook de voorbereidingen om het vee te beschermen tegen de wolf bij de meifeesten (Apollo de wolfachtige).

Niet toevallig werd de legendarische keizer Numa van Rome (die vereerd werd als de vuurgod) geboren op 21 april zie de meifeesten. 21 april stond ook voor de herdersfeesten (Parilia) in Rome. Het uitdrijven van het vee uit de winterstal naar de weiden. De ster van Stier: Aldebaran werd ook wel Palilicium genoemd, omdat de feesten van Pales, de Paliliën met haar opkomen samenhingen. Pales was of waren goden van de herders. Het feest Parilia viel op 21 april. Het vee werd hierbij door het vuur gedreven om te worden gereinigd. De oprichting van Rome werd tijdens dit feest gevierd.

Romeins: Feriae Latinae: Oud feest gevierd in april (datum varieerde) op Mont Alban (de heilige heuvel van Alban bij Rome, Zie monte Cavo van het volk de Albani). Het feest stond voor het samengaan van de stammen nog voor dat Rome werd gesticht (zie stichting van Rome en de Plejaden bij de meifeesten en sterrenbeeld Tweelingen). Van elke stad kwam de leidende afgevaardigde met offers naar de heuvel zoals schapen, melk, kaas, een witte jonge koe. Hiervan werd een feestmaal gehouden. Tijdens het feest werden ook Oscilla aan bomen gehangen. Dit waren maskers of afbeeldingen van goden (met name Bacchus). Het schommelen zou het land vruchtbaarder maken en daarom ging men tijdens dit feest ook fanatiek schommelen (hoe hoger men schommelde, hoe hoger het gewas zou groeien). Dit werd gekoppeld aan de mythe van Erigone en haar vader Icarus Want dit feest werd ook gevierd tijdens het feest van de held en de Toren (zie oogstfeesten: Griekenland). In deze periode gaat het vooral om de mythe van Icarus met vleugels (en zijn vader Daedalus) in het paleis van Kreta en Koning Minos. Daedalus had geholpen met het bouwen van het labyrint met de stier. Icarus was tevens een mythische koning van Sparta en later door de Romeinen als koning van Athene gezien (naar de god Icarus). De stichting van Rome komt weer terug in het idee dat men moest schommelen om in de lucht te zoeken naar de geest van de mythische Koning Latinus en Ascanius (De laatste is de stichter van Alba Longa). De leiders lieten een vervanger hun stad regeren tijdens het feest.

28 april: floralia/floralium: feest ter ere van gdin Flora: van bloemen en lente. Flora betekent gewoon: bloem.

Latijn 2: Duo. Tweede is Bis.


Hercules met zijn knots. De takken met vruchten slaan eigenlijk op de herfst.

De Griekse Heracles komt terug in het verhaal van Sophocles: Trachiniae. Over de vrouw Dejanira waar de Griekse riviergod Achelous verliefd op was (Achelous is tevens de grootste rivier in Griekenland). Hij ging naar haar vader en vroeg om haar hand in verschillende vormen. De ene keer had hij de vorm van een slang, de andere keer was hij half stier, terwijl water stroomde van zijn baard. Maar zij was niet verliefd op hem. De hoorn des Overvloed (Griekse Copia en Romeinse Cornucopia) is het attribuut van de Griekse riviergod Achelous. Hercules (Heracles) vocht met deze riviergod om de dochter van de koning. De riviergod veranderde eerst in een slang en daarna in een stier. Hercules brak zijn stierhoorn af. De waternimfen behorende bij de riviergod, vullen de hoorn eerst met bloemen. Hercules won het gevecht en trouwde met Dejanira. Zie ook de vergelijking met de Indus-Rivier en het sterrenbeeld Waterman.

In India staat Hercules gelijk aan aapgod Hanoeman (zie Pasen) (zie ook de tweelinggoden en apen van de Maya's). In India (Rigveda) verslaat Indra de slang Vritra. Hij is de dondergod die zo de 7 vruchtbare waterstromen bevrijd. Hindoe: De god Skanda, zoon van Shiva en Ganga werd gezoogd door de zes Krittikas (Plejaden). Skanda verslaat de demon Taraka en red de wereld. Later werd hij door Parvati als zoon beschouwd en elke keer vloeide haar melk wanneer ze hem zag. De slang wordt in India ook naga genoemd.

In de middeleeuwen kende men ook nog de opvoering van Hercules. Hij was verkleed als wildeman en liep rond met een knuppel. De wildeman is in Groot-Brittanië en Schotland bekend als de Keltische "Green Man" (Groene man) ofwel Green George (Groene Joris). Soms gezien als de verpersoonlijking van de meiboom of boomgeest zelf. Vaak afgebeeld als een hoofd met bladeren, uit zijn mond komt een soort rook of lucht. Men denkt dat hij als voorbeeld staat voor Robin (Roodborstje). Hij was de zomerbrenger net als de mei-koningin (Lady of May). Het mythische verhaal van de held van Robin Hood (Robin uit het bos) en Maid Marianne (mei koningin). Robin Hood doet mee aan de schietwedstrijd met zijn pijl en boog tijdens de meifeesten. De maand mei zou dan staan voor " De kleine Jan" (zoals de midzomer-zonnewende in juni staat voor "De grote Jan"). Met zijn pijl schiet hij "in de roos" (wat symbool staat voor de Plejaden). In mei zouden de Zigeuners in Schotland dit toneelspel opvoeren tot het verboden werd in 1555. Het is een heilige vogel, vooral in Engeland (nationale vogel). In Wales zou het roodborstje de voorbode zijn van ziekte of de dood. Vooral als deze op het raam tikt (hier kennen we in Nederland ook een liedje over). Hij zou de doden bedekken met witte bloemen. Deze voorjaars vogel (in de koude tijd was het een trekvogel) zou ook het weer voorspellen; als hij zingt wordt het mooi weer. Er is ook een christelijk verhaal dat hij de doornen uit de kroon van Jezus heeft proberen te trekken vlak voor zijn dood. Hij prikte zich aan een doorn en kreeg een rode borst. Een Engel kwam uit de hemel en zij dat hij zijn rode borst zou houden om hem te bedanken en hem geliefd te maken. Robin betekent Schitterend door Roem (gelijk aan de edelsteen Robijn). Daarom was deze naam geliefd door koningen en adel zoals dezelfde namen; Robert, Robrecht en Ruprecht (Duits). Ruprecht kreeg echter een aparte betekenis want wilde mannen als demonen gingen ook rond tijdens de kersttijd. Ruprecht werd het duivelse hulpje (knecht) van de christelijke Sinterklaas ( Ruprecht Zou afstammen van "Raue Percht"; rauwe gestalte/ wild figuur). Zo zou Ruprecht veranderen in Ruppknecht/ Rumpknecht/ Hans Ruprecht.

Periode van 2600vChr: Stier: Stier valt Orion aan of laat Orion over zich springen. In deze periode tot de middeleeuwen was eind april de tijd dat de koeien uit de stal kwamen en naar de zomerweides werden gebracht. Hiertoe werden de koeien eerst gezegend en omhangen met bloemkransen. In Zwitserland wordt er nog wel eens "Combat des Reines" gedaan; men laat de koeien van verschillende kuddes tegen elkaar vechten. Dit komt doordat er ook verschillende kuddes samengevoegd werden tot een grote kudde en dan moesten de dieren hun rangposities weer bevestigen. Ook liet men de stieren tegen elkaar vechten om de beste uit te kiezen die naar de kuddes werd gebracht in juni. De sterkste winnaar kreeg een lauwerkrans om. In Spanje is de meimaand traditioneel de maand van het stierenvechten (we zien dit ook nog in Zuid Korea rond half april). De zwaar gewonde of gedode stieren werden geofferd aan de godin en als feestmaal bereid.

Het staat voor de initiatieriten voor jongen tot man-wording; springen over stieren of vechten tegen stieren (zie ook 1 mei feest). In Afrika moeten jongens nog naakt over een rij koeien heen rennen om man te worden. Het sterrenbeeld stier paste dus perfect bij deze periode en werd gekoppeld aan kracht en mannelijkheid.

Dit zien we weer terug in de Griekse mythe van de held die de Minotaurus stier moest doden in het labyrint. We zien dit labyrint vaker toegepast in het voorjaar en dit zou als Venus-symbool dienen. Ook koning Minos speelt een belangrijke rol in de sterrenbeelden. Pasiphae, de vrouw van koning Minos werd verliefd op een magische witte stier die uit de zee kwam. Om haar passie tot uitvoering te brengen liet ze de kunstenaar Daedalus een holle houten koe maken bedekt met de koeienhuid. Hierin verstopte ze zich en de stier besprong haar. Uit hun samenkomst werd de Minotaurus geboren; met het lichaam van een mens en het hoofd van een stier. De koning sloot het op in het labyrint (dit kan vergeleken worden met de onderwereld). Vergelijkbare mythen zijn van Zeus die godin Europa ontvoerde en bevruchtte als stier (Europa was de zus van de held Cadmus), Minos en Britomartis of Dictynna.

Het verhaal van de Minotaurus en het labyrint inspireerde de Griekse Homerus tot de mythe van Aeneas van Troje. Hierin moest hij ook afdalen naar de onderwereld met een gouden twijg. De stad Troje werd vergeleken met het labyrint. De Romeinen namen het thema ook over. Dit zien we terug in de dans of van de 7 soldaten (begeleid door 2 paarden). En in bordspelen zoals "het spel van Troje" (later een kinderspel). Andere volkeren namen dit over labyrinten werden Babylon genoemd, Wieland's huis, Trojeborg, Tröburg. Op de vloer van oude kerken onder de naam: "Weg naar Jeruzalem" (zie Plejaden). Opvallend is dat het spiegellabyrint nog steeds voorkomt op de kermisfeesten in Nederland. In de Prehistorie kennen we het labyrint als spiraal, ook afgebeeld als rotskunst. De symboliek van alles komt terug in het spel van "ganzenbord", waarbij de put stond voor de bron, de gevangenis stond voor de ark en de heilige berg/labyrint of doolhof (zie het nummer 42) en de gans (voorjaarsvogel/ hemelvogel) als prijs werd gewonnen (kermisprijs). Het heeft 63 nummers (7x9). Een vergelijkbaar spel uit India is "slangen en ladders". Dan is er ook nog het oude molenspel (Fries: Mûne) dat ook al in Egypte gespeeld zou zijn. In het Duits: Mühle, Engels: Mill of Nine Men Morris (de naam Morris komt terug als Engelse dans van het Meifeest) en we kennen de rondedans als molendans (van de molensteen of Mill). Een ander oud bekend bordspel was Trik-Trak, bekend als Backgammon. Verder kennen we ook het dobbelspel 7-zak. Tijdens deze periode werd er veel aan gokspelen gedaan. De Noormannen kenden een bordspel dat leek op schaken als Nefer-tafel. Het spel in kruisvorm komt ook in Amerika voor.

Ook het planten van de staf (boom) komt terug in vele feesten. Soms ontspringt er uit deze plek een bron of verandert de staf in een boom met vruchten. Dubbelzinnig verwijst dit ook naar het vruchtbaar maken of zwanger maken. In de middeleeuwen bestond er nog een mythe van de grote Oeros (Auroxhs) dat verslagen moest worden door een pijl in de nek te schieten. Zijn vlees is bedekt met knoflook, die in de wildernis bloeit tot een kruid dat "wilde lelie" wordt genoemd (Lincoln 1986:199).

In de bijbel wordt de vergelijking gemaakt met Paulus die door de Romeinse keizer Nero in Rome met het zwaard onthoofd werd waar er plots 3 bronnen ontsprongen waar zijn hoofd de grond raakte (Trefontaine). Paulus komt veel terug bij heilige in april en mei.

Middeleeuwen, April: Grasmaand, Paasmaand, eiermaand.

April zou afstammen van "Aphrilis" een soort vervorming van de naam van de godin Aphrodite (de Griekse naam voor Venus).

Voorstelling; koeien melken en boter maken, bloemen, zaaien, valkenjacht. Paasfeest en 1 april viering er werd eigenlijk weinig tot niet gewerkt. Eind april begint in Nederland het paling vangst seizoen tot en met november. De Grieken vergeleken deze dan ook met zeeslangen (zie het feest in andere landen). Vroeger ving men ook de steur en de zalm die de rivieren op kwamen zwemmen in noord Europa zoals de Elbe en de Rijn in deze periode. Door de opwarming van het klimaat is dat nu al in maart. Dit is gelijk aan Noord-Amerika. In de zuidelijkere landen van Midden Europa komen ze al in oktober/november aan bij de riviermonden.

(Nu zitten we in het sterrenbeeld ram)

23 april; Sint Georgius/ Sint. Joris: dit werd normaal gevierd op 30 april of 1 mei (Hemelvaartsdag) of op 3 mei.

St Georgius/ St. Joris/ San Jorge; Het spel van Joris en de draak. Dit heeft te maken met het verhaal van Jason en de Argonauten. Vroeger werd het toneelspel ook pas opgevoerd in begin mei waarna de kermis begon. Het hoort dus bij de meifeesten.

Bij de Grieken redde Perseus de jonge maagd Andromeda van het monster Cetus (tijdens de Zodiak van Ram). Ook bedacht men foutief dat er ook een werkelijke jonge maagd moest geofferd worden om het land vruchtbaar te maken voor de zaai en een goede oogst. Dit zien we ook terug in Amerika en Afrika.

Kerk: Sint Joris was eigenlijk de sterfdag van een derde-eeuwse martelaar uit Klein-Azië. Pas veel later is zijn naam verandert in St. Joris de drakendoder. Op deze dag of tijdens de kermis speelt men het verhaal na van de drakendoder. Het verhaal is zo populair dat het vandaag de dag nog steeds nagespeeld word. Vroeger maakte men er ook een soort spel van; het draaksteken. Niet toevallig is Sint Joris ook de patroon van het vee en de wolven.

Er zijn vele goden en helden die ook draken doden maar de belangrijkste is Jason (een van de Argonauten ) (de draak zit bij de tempel van Mars waarin het gulden vlies ligt), Andere drakendoders (zie ook boven); Siegfried/ Sigurd, Cadmus (en de draak van Mars) Mattheus (21 sept), Theodoros van Tiron (Theodorus van Amasea) iets later dan Sint Joris, vereerd in de Oosterse kerk, ook vereerd op 17 februari en 9 november en op Pasen, soms samen met Sint Joris afgebeeld/ Verder kennen we Bellerophon, Apollo en de Aartsengel Michaël, De Bijbelse Daniël (zie Bel en de draak), Angabo in Aksum . De Apostelen; Filippus en Marcus staan in het teken van de draak. Ook de heilige St. Merculiaris (lees: Mercurius) zou gedood zijn door een draak. Sint Syrus van Pavia (Discipel van Sint Hermenagoras) bevecht de basilisk. Drakendoders zijn vaak oude patroonheiligen van ridders en soldaten. Daarom zijn ze ook gekoppeld aan de middeleeuwse Schutterijen. Later zou de heilige Sint Mamertus van Vienne (11 mei) de Ketters (Arianen) in de vorm van een draak verslaan. Zoals de drakendoder Sint Ronan (in Locronan) die de heidenen in de vorm van een draak versloeg. St. Romain versloeg de draak van Rouen in Frankrijk rond 520 nChr. toen het onder Britse heerschappij viel. Hij werd opgevolgd door St. Ouen. Zuid Amerika: Ecuador: Juan vecht tegen de draak (Naam in het Portugees/ Spaans), wellicht ook Jenaro, en Joao tegen de slang in Uruguay.

In de bijbel vinden we de draak van de zee terug als Rahab of Leviathan. In Isaiah li.9/ id.xxvii. 1/ Job xxvi. 12/ Psalm lxxxix. 10/  Psalm lxxiv. 13 sq. Zoals: "Door jouw kracht kunt gij de zee in tweeën splijten; gij breekt de hoofden van de draken in de wateren. Gij breekt de hoofden van Leviathan in stukken". Zoals het verhaal van Mozes en Egypte, als baby in de mand op het water (de ark van Mozes) en Mozes die het water splijt door zijn staf er op te slaan. De symboliek hiervan is onmiskenbaar. Zie periode 3 Zuidelijk halfrond.

Openbaring (Apk 12,7-8): "Toen brak er in de hemel een oorlog uit. Michaël en zijn engelen vochten tegen de draak, en de draak en zijn engelen vochten terug. Maar zij hielden geen stand en hun plaats werd in de hemel niet meer gevonden". Dit zou een verwijzing kunnen zijn naar de sterrenbeelden die door de Precessie zijn verschoven.

Kerk: 25 april werd ook wel Rogatie-dag genoemd (Rogation day). Major Rogation. Van Rogare, Latijn; "Vragen". God vragen om zijn mildheid en bescherming. Ingevoerd in 470 na Christus door Mamertus, Bisschop van Vienna. Vastendag met sommige gebruiken zoals het lopen om de gemeente en bescherming vragen tegen het kwaad (zie ook het Romeinse feest).

Als je de kalender terug schuift valt de datum wel dicht bij 1 mei en word ook vaak met die datum in verband gebracht. Hemelvaart valt standaard ook op 40 dagen na de lente equinox dus op 1 mei. Ook de gebruiken van Hemelvaart (dauwtrappen) horen bij 1 mei. Bijzonder in het verhaal van Jason is dat het tevens in verband word gebracht met het zaaien van het zomergraan (van de drakentanden) wat natuurlijk vroeger een belangrijk moment was. In Nederland is de beste zaaitijd van zomergraan rond eind april en begin mei.

Opvallend is dat de tegenover liggende datum op de ronde kalender rond de dag van Michaël valt (29 september en Mattheus 21 september), die ook tegen een draak vocht en dit ook de zaaidag is van het wintergraan (ook het begin van het rijstplanten in Japan). Het gevecht stond ook in teken van strijd tussen het goed en het kwaad (tussen zomer en winter en later tussen de kerk en heidens geloof). In Slavische legenden wordt ook gesproken over twee draken die te maken hebben met de landbouw en het jaar in in tweeën verdelen, het zijn een vrouwelijke en mannelijke draak (soms broer en zus). De vrouwelijke draak staat voor water en de mannelijke voor het vuur.

Het drakenspel werd niet altijd elk jaar gehouden maar soms om de 6 of 7 jaar. Tijdens deze samenkomst werden de maan- en zonnekalender gesynchroniseerd (dit deed men in ook in Locronon in Bretagne). Het is goed mogelijk dat men dit op een heilige plaats deed zoals een steencirkel waarbij men dan zowel om genezing vroeg als zich bezig hield met de kalender.

Bij de Grieken zou de periode van synchronisatie 8 jaar duren. Dit zien we terug in de drakendoders Apollo en Cadmus en de regeringsperioden van 8 jaar van de Griekse koningen. Sir James George Frazer vergelijkt de verering van zon en maan met het heilig huwelijk van de zonnegod (als mannelijke stier) en maangod waarbij de maan vrouwelijk zou zijn.

In Nederland is het Draaksteken nog te zien in Beesel ( Limburg) om de 7 jaar. Men viert het draaksteken (Limburgs: "draaksjtaeke") met een grote show als strijd van goed (ridder) tegen kwaad (draak). En dit deed men al sinds de 17de eeuw met een drakenlied en een grote nagebouwde draak die echt vuur/ rook spuwt. Beesel ziet zichzelf dan ook trots als drakendorp. Men ziet het feest als Katholiek.

Tijdens het oude drakenspel was het de bedoeling dat de omstanders een paar paardenharen uit de staart van de draak moesten trekken. Want een haar zou een heel jaar geluk brengen maar dit werd hun niet makkelijk gemaakt. Ook wildemannen liepen tijdens het drakenspel rond (Hercules). In Beesel in Nederland viert men het spel van de draak eens in de zeven jaar waarbij de draak de mooie koningsdochter wou grijpen. In augustus wordt de draak nogmaals de genadesteek toegebracht. Dit is het feest van Sint Joris en de Toren (ofwel het feest van de draak en de Toren zie de periode 5).

Sint George was de schutspatroon van vele landstreken bv. Engeland; Georgië. En van de ruiters, ridders en later van de padvinders. Ook schutterijen hadden vaak Sint Joris als patroonheilige. Er zijn ook belangrijke ridderordes naar vernoemd; de "Sint Joris orde"; "het gulden vlies" (verwijst juist weer naar Jason). De tempel van Mars speelt ook een belangrijke rol hierin want Mars was ook de god van de oorlog en van de maand maart.

Keltisch: Mythe van de latere god Nudd of Llud of Nuada die koning was geworden van Engeland. Twee draken vochten elk jaar op de mei-avond onder de grond in het centrum van de aarde. Ze schreeuwden zo hard dat ze elk jaar vlees (mead?) in een gat moesten laten zakken om ze rustig te krijgen.

Bij de Kelten is het de Keltische god Esus (Hesus, Aesus of Esos) die de heilige boom omhakt en vaak zien we hierin de drie kraanvogels en tevens de stier bij afgebeeld. Hoewel hier ook al wat Romeinse invloeden kunnen zijn gebruikt.

Op de tweede zaterdag na Pasen werd in Noorbeek in Nederland de Sint Brigida den geplant (sinds 1634). Dit doet men nog steeds en het feest begint met het omhakken van de meiboom op de 2e zaterdag na Pasen. Dit omhakken was een taak van de ongehuwde mannen. De boom wordt door een grote stoet versierde paarden gesleept naar het dorp. Indien men geen paarden bezat hielp de hele gemeenschap mee om de boom te slepen. Daar helpen de getrouwde mannen mee met het opzetten. In Nederland vinden we de meiboom terug op Pinksterzondag in Limburg; In Banholt-Terhorst en Noorbeek. In Banholt-Terhorst blijft de oude meiboom het hele jaar staan om het dorp te beschermen (een dennenboom met vlag in de top). Men versierd de kerk en het plein. En de boom wordt eerst omgeduwd door "De Junkheit"; een groep van ongetrouwde jonge mannen. Hierna eten ze traditioneel eieren en spek bij de pastoor (denk aan het kiesliedje; bim bam beieren). Dan komen de "kapmannetjes"/ "kapmannekes de sherpe alsch" (Bijlenmannen) die de boom omkappen in het bos. De boom wordt gelegd op een wagen getrokken door versierde paarden. Een man (kapitein van de Junkheit) zit op de stam en draagt de vlag. Soms rijden meerdere op de stam. Ook houdt men dan een processie (De Bronk). Voor de kerk wordt de boom opgezet in een aantal uren. Voor de dorpen is het ook een wedstrijd wie de hoogste boom heeft. De traditie is later gekoppeld aan de heilige Sint Gerlachus van Houthem (feestdag 5 januari). De boom werd in 1881 Sint Gierlingsboom of Sint Gerlachusden genoemd. Deze mythische man was een ridder die streed in een toernooi. Hij ging 7 jaar naar Jeruzalem. Later werd hij een monnik en kluizenaar die zou leven in een holle eik. Hij ging ook wonderen verrichten zoals het water van de bron 3 keer in wijn veranderen en mensen genezen. Jaloerse monniken zouden kwaad over hem zijn gaan spreken en de Bisschop hebben geadviseerd om zijn eik om te hakken want daar zou zich een schat onder bevinden. De eik werd gekapt en niets werd gevonden, de Bisschop had daar later spijt van. Hij werd beschermheilige van vee, veld en gewassen.

Het kappen van de bomen gaat terug tot in de vroege prehistorie waarbij men voordat men ging zaaien op een nieuw veld, een nieuw stuk bos moest ontdoen van de bomen. Meestal was dit een taak van de mannen. Soms schilden ze de onderkant van de bast af zodat de boom vanzelf dood ging en makkelijker was om te kappen. Dit werd verheven tot een speciale ceremonie.

In Japan gaan de jonge mannen de boom letterlijk "berijden". Ze laten de boom van een heuvel afglijden en een aantal jonge mannen proberen hierbij op de boom te blijven staan. Later wordt de boom bij een heiligdom opgericht.

Ook Polen kent een beroemd drakenverhaal. En St. Sylvester op 1 januari kent een verwijzing naar een draak. Het verhaal gaat dat in 1000 na Chr. Paus Sylvester een draak had laten ontsnappen die de wereld kon vernietigen. Dus iedereen viert dat de draak de wereld niet vernietigd heeft.

MIDDELEEUWEN: De jaarmarkt/ kermis begon in het begin van de 15de eeuw in Den Haag op de vrijdag voor de eerste zondag na de Kruisvinding (3 mei), (dus na 3 mei ; Wildemarkt). Hierbij werd in een processie het allerheiligste rondgedragen. Daarna volgde het toneelspel van Joris te paard (in de optocht), waarbij iemand in de draak echt vuurwerk uit de bek en door gaten in het lichaam afschoot. Van dit vuurwerk is ook een beschrijving van de VOC in rond 1700. Ook Neptunus, de zeegod deed mee in dit spel (zie de sterrenbeelden Cassiopeia, Cepheus, Cetus en Perseus. Hij is gelijk aan de Griekse zeegod Poseidon (zie Griekenland). Er liep een onschuldige maagd mee met een lam die Joris moest redden van de draak. De schutterij had St. Joris als schutspatroon was aanwezig en alle belangrijke personen. De schutterij schoot op de vogel in de meibomen (met vlaggen en kransen versierde masten). In Maastricht begon de kermis pas met St. Servaas (13 mei) en dit zien we ook in België.

De Schuttersgilden zijn al erg oud en zijn de opvolgers van de ridders als beschermers van de pelgrims en kerken, abdijen, huizen en erf. In Nederland is de oudst bekende gilde waarschijnlijk Leiden uit 1266. Het oudst zijn de handbooggilden. Later kwam daar de kruisboog en het geweer bij. Hierbij hoort het vendelzwaaien, trommelen en paardrijden (zie de meifeesten).

De 3 patroonheiligen van de ridders:

Sint Mercurius van Rome (5 april) vereerd in Douai, Frankrijk

Sint Demetrius van Thessaloniki (9 april en 8 oktober) Met de speer en zijn dienaar Lupus (Wolf) en genezende olie.

Sint Joris (23 april) en Onze Lieve Vrouwe (Maria) (Schuttersvereniging)

Later kwamen de Schuttersverenigingen ook onder de heilige Sint Sebastiaan (St. Sebastianus zie 20 januari), de patroon van de handboog-schutterij. Opvallend is dat deze oude heilige doodgeslagen is met knuppels en dat zijn wapen bestaat uit 2 wildemannen. Ook werd ze geholpen door de Heilige Irene van Thessaloniki (naamdag 1 april). Hier is een duidelijke verwijzing naar Hercules. De wildemannen lopen voor de schutterij mee als Bielemannen (Bijlenmannen). Dit doen ze ook tijdens het oogstfeest (zie feest van de toren). Sint Sebastiaan is in België ook een belangrijke heilige (zie 20 februari en de herfstfeesten). Na Sint Sebasiaan werd Sint Hubertus als schuttersheilige vereerd. De schutterijen hadden hun eigen schuttersberg/ heuvel.

Tegenwoordig lopende Bielemannen (Bijlenmannen) nog steeds mee met de schutterijen in zuid en oost Nederland. Ze dragen een lange bijl, een bontmuts en schootsvel (soort leren schort; dit is ook een symbool van de Vrijmetselaars) en een grote baard. De functie van de Bijlenman zou terug kunnen gaan op het omhakken van de meiboom. Dit moest namelijk enkele weken voor de oprichting worden gedaan van begin mei. De meiboom werd naar het dorp gesleept en neergelegd. Ook mocht de boom gestolen worden door andere dorpen, men maakte er dan een soort spel van door te onderhandelen over de teruggave wat gepaard ging met veel drinken.

In België in Rutten bij Tongeren speelt men op 1 mei het bijzondere Sint Evermarus spel (Dit zou al duizend jaar oud zijn). Evermarus was een Fries edelman die vele bedevaarten ondernam. Bij zijn terugkeer van St. Jacob in Compostella in Spanje ging hij op weg naar het graf van de Heilige Servatius. Ze overnachtten hierbij in Rutten maar werden overvallen door roofridder Hacco en vermoord. In de ochtend is een ruiterprocessie in rode jassen. In de namiddag volgt het spel van het verhaal bij de acht bomen. Bij de schuttersgilden spelen twee wildemannen ook een grote rol getooid met klimop. En tijdens het spel lopen de pelgrims rond met Sint. Jacobs-schelpen; het symbool van de pelgrimsroute naar Santiago de Compostella (zie ook het feest in Spanje). Ook dragen zij de pelgrimsstaf en aan hun gordel hangt een veldfles en paternoster. Ze vullen hun flessen met water en zij worden door engelen begeleid naar de "speelweide" waar ze uitrusten bij een Lindeboom. De Engelen zingen een lied waarbij ze de dood van de bedevaarders voorspellen. Daarna komt de Hacco-bende met rode jas, witte broek, stijve beenkappen en op het hoofd een hoed met witte veren. Ze houden een gevecht maar de bedevaarders hebben geen sabels of wapens. Evermaar, de jongste pelgrim weet bijna te ontsnappen maar wordt uiteindelijk neergeschoten door een pijl van Hacco.

In België vinden we ook een verwijzing naar het omhakken van de meiboom (op de zaterdag voor Pinksteren): Houdt men in Zinnik (Signies) "de Tour à Foyas" (dit stamt af van foyard: beukenboom). Een grote groep vrijwilligers bakenen een route van de processie af van Sint Vincentius (of Madelgarius) met bebladerde boomtakken die in de grond worden geplant. Sint Vincent is een heilige die staat voor het voorjaars wijnfeest en zou een Merovingische koning zijn. Op Pinkstermaandag begint de grote processie waarbij Sint Vincentius wordt rondgedragen. Het hele gezin wordt heilig verklaard: ook de zoon van hem; Sint Landry (Landricus, 5april) wordt vereerd en Waudru (Waltrudis) de vrouw van Sint Vincentius (patrones van Bergen, Mons) en haar naamdag valt op 9 april (rond Pasen).

Bloemen en planten: Een opvallend kruid wat bij dit feest hoorde was het Wildemanskruid (Pulsatilla Vulgaris). Deze harige plant begon met bloeien in april. De plant wordt ook Pasque Flower; Paasbloem en May Day Flower; meidag bloem genoemd.

We kennen ook de Brave Hendrik: Chenopódium bónus-henricus (Engels: Good-King Henry) bloeit vanaf mei. Zowel als voedsel als geneeskrachtig. Kwade Hendrik was het giftige Overblijvend Bingelkruid/ Bosbingelkruid: Mercurialis perennis (Engels: Dog's Mercury) bloeit april mei. Uit de Wolfsmelkfamilie: Euphorbiaceae. Zie voor de betekenis het feest van de held en de Draak. vernoemd naar de god Mercurius en bloeide nu, hij zou de medicinale krachten van deze plant ontdekt hebben maar Mercurius staat gelijk aan Sint Joris. Men dacht dat thee van de mannelijke plant van bosbingelkruid er voor zou zorgen dat een jongen werd geboren. Uit het bosbingelkruid kan de kleur indigo worden gehaald
met een kleur van blauw tot violet.

Vogels: Trekvogels komen uit Afrika zoals de koekoek, de fitis en de ortolaan. De Ortolaan (Emberiza hortulana) broed het liefst in oude eiken. Tegenwoordig komt de vogel niet meer voor in Nederland en België en is bedreigd. Vroeger werd de Ortolaan als een delicatesse beschouwd en ook weggeschonken.

Kermisfeest; bestond uit zang, dans, eten en drinken, toneel, acrobatiek, rariteiten, wassenbeelden, gokken (dobbelen) en spellen, waarzeggerij. Zie ook meifeesten.

KERK; Volgens een oud paaslied uit Ootmarsum is Christus 'de leeuw uit Juda' die, hoewel 'satan raast en tiert', toch uiteindelijk zegeviert. Hij heeft volgens een Duits lied uit de zeventiende eeuw; de deuren van de dood open gestoten en 'ridderlijk gestreden, hel en duivel neer getreden'. Het is een beeldspraak van Jezus als strijder die als klassieke held na zijn dood naar de hel ging en vocht met de duivel om de zondaars te bevrijden en mee te nemen naar de hemel (het paradijs). Zoals de Oost christelijke/ Orthodoxen Hemelvaart vereren. Ook van belang is het graan, Jezus zei bij de aankondiging van zijn dood; 'in de aarde vallen en sterven'om vrucht te dragen (Joh. 12:24). In Paasliederen keert dat beeld terug; 'het graan ontkiemt ternauwernood, het sterft om op te staan'. Dit slaat ook op de zaaitijd.

'Tenhemelopnemingen' komen ook voor in Griekse en Romeinse verhalen. Daar heet het 'apotheose' ( "opneming onder de goden").

25 april: Sint Marcus: Een van de twaalf apostelen en schrijver van het nieuwe Testament. Vaak gelijkgesteld met Sint George als weersvoorspelling tot 3 mei. Zijn attribuut is de gevleugelde leeuw. Een van de 4 apostelen (Zie de 4 windrichtingen bij Plejaden). De naam Marcus lijkt op Mercurius. Niet toevallig hebben vele oude Romeinse Keizers de naam Marcus. Sint Marcus is tevens weerheilige. Hij staat in verband met het bonen planten en de wielewaal.

Op de middeleeuwse kalender weergegeven als een leeuw. Op de merkstaf/ primstav: een stok met kruis, met daaraan een dwarsstok naar links met een lans vorm/ bladvorm er aan of een kruis.

23 tot 28 april is ook het feest van de nieuwe wijn soms al eerder met Carnaval. Vaak begon dan al de kermis. De paasmarkt stond steeds meer in het teken van vermaak, dobbelen (gokken) en drinken, vechten en dansen en veranderde dus in een kermis. Er waren ook veel kwakzalvers en waarzeggers.

In Drenthe: In Meppel begon de voorjaarsmarkt drie dagen voor Pasen.

De eerste Romeinse keizer Constantijn (benoemd rond 308nChr) liet zich verheerlijken als strijder. Later werd hij in de Oosterse Orthodoxe kerk heilig verklaard en zijn naamdag werd op 21 mei gezet. Hij werd hierdoor ook gelijk gesteld aan de held Sint Joris.

Sint Christoffel  28 april (en op 24 of 25 juli): Heilige Christoforus of Christofoor van Lycië. Deze heilige zocht eerst naar de afwerende eigenschappen van het kruisteken. Daarna ging hij mensen de rivier over dragen (wellicht een verwijzing naar de dodenrivier). Hierbij droeg hij ook een staf. Op een dag droeg hij Christus als jongen over de rivier. Als dank moest hij zijn staf in de grond planten en daaruit schoot plotseling een boom met vruchten tevoorschijn gelijk aan de palm. In België werd hij ook geëerd op Drievuldigheidsdag (zie meifeest). Hij werd aangeroepen om te genezen en om de mensen te beschermen tegen een gewelddadige dood.

Soms werd hij afgebeeld met een hondenkop. Ook werd hij ook wel in verband gebracht met de Egyptische god met jakhalskop omdat hij uit het land kwam met de hondenkop-mensen. Hij kwam waarschijnlijk uit Chalcedon, dit lag in Kadiköy, een wijk van Istanbul. De hondsdagen zijn een aanloop op het verschijnen van de hondsster Sirius en geven een warme periode aan. Ze duren van 23 juli tot 25 augustus. Sint Christoffel werd later ook patroonheilige voor de Schuttersverenigingen; het busgilde en de Colveniers. Christoffel zou later zijn verplaatst van 24 naar 25 juli om plaats te maken voor Sint Jacobus de meerdere.

In België werd Sint Christoffel veel geëerd tijdens de kermis in Leuven met een reuzenbeeld.

30 april: Sint Katharina, Katrien weerheilige. Elk hout zou wortel hebben geschoten.


Warme genezende bronnen:

Bij de Grieken is met name Hercules gekoppeld aan de warme vulkanische bronnen (soms ook de nimfen, Hephaestus of godin Athena). De warme bronnen werden vooral aangewend om huidziekten te genezen. Een Griekse uitdrukking is : "de jeuk van Hercules", waarmee schurft werd bedoelt. Hercules werd zo eigenlijk ook een god die ziektes genas zoals de oudere god voor hem; Aesculapius. In een verhaal zou Hercules, net als Mozes, water hebben doen ontstaan door zijn knots tegen een rots te slaan. De bekendste bronnen van Hercules zijn die in de pas van Thermopylae, genoemd "de hete poorten". In een mythe sprong Heracles in de rivier om het gif van de Hydra slang weg te wassen van de mantel die hij niet uit kreeg. Hierdoor zou de rivier heet zijn geworden. Vooral in het voorjaar gingen de Grieken hier vroeger naar toe. Tevens de hete bronnen van Himera (Termini). Ook in Italië, Sicilië en de Karpaten werd Hercules verbonden met de hete bronnen. In Syracuse offerde men een stier aan Persephone elk jaar aan de Blauwe bron (Syane), de stieren werden in de poel verdronken. Zie ook de bronnen van Salomon.

Israël/ Jordanië: Zie ook het verhaal in de Bijbel; van Naäman die leed aan melaatsheid en in opdracht van de profeet Elisa moest hij zich zeven maal baden in de rivier de Jordaan. Naaman is een andere naam voor de bloem van de Anemoon. De Arabieren noemen de anemoon: "De wonden van Naaman". De anemoon zou ook ontstaan zijn door het bloed van de god Adonis. Zoals ook de rode roos. Adonis werd jaarlijks verwond door het zwijn op de Berg Libanon bij Byblos. De rivier de Adonis kleurt in de lente rood. In het Foenisisch heiligdom van Astarte in Byblos werd om de dood van Adonis jaarlijks gerouwd. Men blies op de fluit en sloeg zich op de borst. De volgende dag zou hij weer tot leven komen en naar de hemel stijgen. De mannen schoren hun hoofd kaal. De vrouwen die hun haren niet wilden scheren zouden zichzelf aan vreemden hebben gegeven (op een later tijdstip van het feest, wellicht in mei en later uit schaamte hebben geofferd aan Astarte). Adonis stond in verband met de gerstoogst in Israël (vanaf begin april in het Jordaandal tot begin mei in de berggebieden). Het landbouwseizoen is anders als in Europa en de betekenis is dus omgekeerd zaai-oogst. De zwijn hoort bij de oogsttijd van het graan (zoals in de meeste landen, vaak ook bij de rijstoogst). Adonis zou geboren zijn uit een Mirre-boom. Volgens sommigen maakte het zwijn de boom open en volgens een andere legende heette zijn moeder "Mirre" en veranderde in een Mirre-boom nadat ze Adonis had gebaard. Volgens een mythe zou een meteoor van de top van de berg Libanon als een ster in de Adonis rivier zijn gevallen. Net toen men de godin Astarte wou vereren door offers van goud zilver en fijne gewaden in een meer te gooien naast te tempel. De meteoor zou staan voor de geliefde Astarte van Adonis. Astarte zou tevens staan voor de planeet Venus. De aanhangers van Adonis aten geen varkensvlees omdat deze hem gedood zou hebben. .(dus ver voor het islamitisch geloof). Dit kwam wellicht omdat het zwijn gelijk stond voor de oogsttijd en dus heilig was. De Crypte onder de geboortekerk in Bethlehem was vroeger een heiligdom voor Adonis. Hier zou tevens een bron zijn ontstaan, later de bron van David genoemd. Adonis heeft veel overeenkomsten met Attis. Artemis werd vereerd in Efeze in Turkije en Hiërapolis Pamukkale (Tevens Frigië). (Vertaling onzeker, Adonis is vreemde god)

In Hiërapolis/ Frigië werd het grootste feest in de lente gevierd. Onder begeleiding van muziek, sneden de eunuch priesters zich met messen om bloed te offeren aan Astarte en Adonis. Sommigen die priester wilden worden ontkleedden zich en castreerden zichzelf met zwaarden. Daarna rende hij door het dorp en gooide zijn genitaliën in een huis. Het uitverkoren huis moest hem opnieuw kleden in vrouwenkleding en vrouwensymbolen die hij zou dragen als priester. Hierna zal hij zich wel bedroefd hebben gevoeld over zijn opoffering. Het offeren van de eigen vruchtbaarheid deed men ook aan de goden Zeus en Hecate in Stratonicea in Caria. Maar ook in Egypte en andere landen. In Nigeria bij het Ekoi volk offerden zowel mannen als vrouwen hun organen tijdens een jaarlijks feest voor een goede oogst en bescherming tegen bliksem. Zie ook het castreren van de Griekse goden Uranus en Cronus en het feest van de Toren en de Draak. In Afrika hoort het bij de Plejaden. (vertaling onzeker).

Frigiërs in Anatolië/ Turkije: Aanhangers van de god Attis en godin Cybele. Attis heeft vele overeenkomsten met Adonis. Attis was een jonge schaapsherder en werd ook onder magische omstandigheden geboren. Zijn moeder Nana was een maagd, die zwanger werd door een rijpe amandel of granaatappel tussen haar boezem te steken. Sommigen beweren dat hij tevens de zoon was van Cybele zelf. Volgens een mythe werd hij gedood door een zwijn zoals Adonis. Volgens anderen (de inwoners van Pessinus) zou hij zich ontmand hebben onder een pijnboom en bloedde daar dood. Uit zijn bloed zouden violen zijn ontstaan. Zoals de priesters (Galli; hanen, van de haan; "gallus") zichzelf castreerden om zich te wijden aan Cybele. De aanhangers van Attis aten geen varkensvlees omdat deze hem gedood zou hebben. Na zijn dood zou Attis zich veranderd hebben in een pijnboom. Rond 204 v Chr. De Romeinen namen de godin Cybele van de Frigiërs in Antatolië/ Turkije over. Dit zou komen door hun lange gevecht tegen Hannibal. Een voorspelling zei dat ze de kleine zwarte steen (meteoriet?) van Cybele uit de stad Pessinus moesten meenemen naar Rome. Hierna brachten ze deze naar de tempel van Victory op de Palatijnse heuvel. En niet toevallig arriveerde de godin midden april waarna ze direct aan het werk ging. Want de oogst van dit jaar zou meer zijn dan in een lange tijd. Later zou men ook Hannibal hebben verslagen dankzij Cybele. Ook in Comana Pontica in Anatolië waar de maangodin Ma werd vereerd was het eten van varken verboden (dus ver voor het islamitisch geloof). Dit kwam wellicht omdat het zwijn gelijk stond voor de oogsttijd en dus heilig was. Tijdens het feest werd het beeld van de godin Cybele op een draagbaar naar haar "bad" gedragen. Hier werd zij gewassen. De plant van Attis was ook de klimop (Hedera Helix). De priesters werden getatoeëerd met de bladeren van de klimop. Zie ook het feest in Rome in periode 1 en periode 7. (vertaling onzeker)

Attis stond ook in verband met de graanoogst in Anatolië net als Adonis. Zo werd hij aangesproken met "gedorst graan" of "gele korenaar". Zijn lijden, dood en opstanding werd vergeleken met het lijden van het dorsen van het graan, het begraven in de graanopslagplaats en tot leven komen als het opnieuw werd gezaaid in de grond. Zo werd hij ook afgebeeld met korenaren en fruit in de hand en een krans van pijnappels, granaatappels en ander fruit op zijn hoofd. Vanaf zijn Frigische muts vielen spruitende korenaren. Soms werd ook een haan weergegeven met een staart van korenaren. Cybele gaf aan Attis zijn Frigische muts met sterren. Zie ook Mithras. (vertaling over Attis is onzeker).

-----------------------------

Periode van Ram (nu). In Nederland vieren we nog de kermisfeesten met de oude symboliek, in sommige dorpen hakt men hiervoor nog de meiboom, zie ook het volgende bijbehorende feest.

Rond 22 april komt de wielewaal terug. Kuif- en zwarte mees zijn druk. Rond 24 april zaaitijd van wortel, kervel en spinazie. De boomvalk keert terug. Eind april; De luzerne schiet uit, aankomst gierzwaluw, rietgors gaat broeden. Meikever komt aan, koolzaad gaat bloeien. Grote karekiet komt aan. Begin mei paren de slangen zoals de adder en ringslang.

Naar het volgende feest